woensdag 24 oktober 2012

De Keeper

Sinds mijn zevende levensjaar ben ik een hartstochtelijk voetballiefhebber. Ik heb maar één jaar bij een club gevoetbald, maar ik was dagelijks op het schoolplein aan het voetballen of thuis op een trapveldje te vinden. Ik bewaar er goede herinneringen aan.

Op het schoolplein keepte ik nooit. We voetbalden op stenen en daar kon ik niet keepen, omdat ik daar niet kon duiken. Bovendien voetbalden we met een kleine tennisbal. Maar thuis op het trapveldje, daar was ik de held. Op dat veldje kon ik duiken en zo ranselde ik menig bal uit het doel. Ik zou mij zelf willen omschrijven als een keeper van de oude stempel. Voetballen kon ik niet zo goed, maar mijn reflexen waren goed. Een echte lijnkeeper dus.

Hoe het allemaal begon

Hoe het allemaal begonnen is weet ik niet meer precies. Op het trapveldje waren lang niet altijd vriendjes voorhanden om mee te voetballen. Als er dan wel eentje was dan restte er eigenlijk maar één ding: op doel schieten. Al vrij snel vond ik het leuk om dan te keepen. Je krijgt lekker veel ballen waar je goed op moet reageren.Dit spelletje leende zich ook prima voor een gezelschap van twee of drie vriendjes.Bijna nooit ontstond er het probleem dat een ander wilde keepen. Tot die ene keer dat ik Johan ontmoette. Zijn oma woonde in de nabijgelegen bejaardenwoningen en mijn schrik was groot toen hij zei dat hij wilde keepen. Dat had ik nog nooit meegemaakt. Maar we kwamen er uit: we keepten om beurten.

Bij mijn dorpsgenootjes bleef mijn keeperstalent niet onopgemerkt. De eerste jaren in het dorp was ik nog een buitenbeentje, maar toen ze in de gaten kregen dat ik goed kon keepen werd ik zelfs thuis op gehaald om mee te voetballen. Trots was ik! Mijn moeder breide een trui voor me. Ik droeg een tigmaal verstelde trainingsbroek en ik kreeg tweedehands voetbalschoenen. Met afgedankte handschoenen van mijn tantes was mijn uitrusting helemaal compleet. Toen ik dertien was verhuisden we en zo'n mooi trapveldje hadden we niet meer in mijn nieuwe woonplaats.

Wat is er zo mooi aan keepen?

Het is moeilijk te beschrijven wat ik zo mooi vind aan keepen. De keeper is voor mij een held. Een held omdat hij zich altijd kan onderscheiden door het stoppen van ballen. Als keeper ben je de laatste strohalm van je team. Vaak word gezegd dat je het als keeper zwaar hebt, omdat jij altijd de schuld krijgt van tegendoelpunten. Zo zie ik het niet en zo heb ik het ook nooit ervaren, alhoewel ieder tegendoelpunt aanvoelt als een persoonlijke nederlaag.

Maar bij penalties ligt het anders. Dan ben je als keeper bij voorbaat kansloos. Als je de bal niet stopt dan kon jij er niets aan doen, maar als je hem wel stopt ben je de held.

De reddingen met zweefduiken en pijlsnelle reflexen zijn het mooist om naar te kijken. Ook een keeper die een één tegen één duel van een aanvaller wint is prachtig om naar te kijken: dat is voor mij hetzelfde als een spannende thriller. In de loop der jaren heb ik geleerd dat misschien wel de beste keepers die keepers zijn die bijna geen spectaculaire acties nodig hebben. Dat zijn de keepers die goed vooruit kijken en denken, allert mee voetballen als een bal achter de verdediging valt en door goede coaching zorgt dat zijn verdediging goed staat.

Wie zijn je voorbeelden?

Een favoriete keeper van mij toen ik nog klein was was Manuel Bento. Hij was de keeper van het nationale elftal van Portugal tussen 1976 en 1988. Hij was relatief klein: 1 meter 74 en is slechts 59 jaar geworden. Hij is vooral bekend geworden door zijn reddingen en reflexen. Persoonlijk heb ik vooral zijn optreden tijdens het EK van 1984 in herinnering. Twintig jaar lang was hij keeper van Benfica. Hij was klein van stuk, maar kon hoog springen. Voor mij is hij daarom altijd het bewijs dat ook keepers die klein van stuk zijn een goede keeper kunnen zijn.

Een andere favoriet van mij is Rinat Dassajev. Dassajev was in de jaren tachtig de keeper van het nationale elftal van de Sovjet Unie. Hij speelde bij Spartak Moskou. Als bijnamen had hij ¨het ijzeren gordijn¨ en ¨de kat¨. Ook hij beschikte over fenomenale reflexen. In Nederland is hij vooral bekend, omdat hij die arme kansloze keeper was tegen de prachtige volley van Marco van Basten in de finale van het EK van 1988. In de eerste wedstrijd tegen Nederland was hij degene geweest die veel doelpogingen van met name Ronald Koeman had weten te keren.

Een andere keeper die vooral vermakelijk was om naar te kijken was Rene Higuitta, de doelman van het nationale elftal van Colombia. Legendarisch is zijn redding in de vriendschappelijke wedstrijd van Colombia tegen Engeland in 1995. Een bal dreigde over hem heen te gaan. Hij deed een stap naar voren, maakte een handstand en trapte de bal met zijn hakken over zijn hoofd uit het doel. Deze techniek kwam bekend te staan als ¨de schorpioen¨.

Keepers van de huidige generatie die ik goed vind zijn Ron-Robert Zieler van Hannover 96 en René Adler van HSV.

Dochter

Hier thuis ben ik de enige voetballiefhebber. Tot mijn oudste dochter kwam. Zij ontpopte zich tot een rasechte voetballiefhebster. Ik kon mijn geluk niet op: eindelijk een soulmate. Maar dat was nog niet alles. Geheel uit zich zelf gaf ze bijna anderhalf jaar geleden aan dat ze graag wilde keepen. Ze ging op keepertraining. De eerlijkheid gebied mij te zeggen dat ik haar als bijtertje op het middenveld sterker vind, maar ze is consequent en dat maakt het voor mij gemakkelijker om haar wensen onder de aandacht van de trainers te brengen.

Sinds dit seizoen keept ze ook in haar elftal. Ze heeft het niet gemakkelijk gehad.De eerste wedstrijden was ze als oudste van haar team commander-in-Chief onder de lat. Ze ranselde alles weg, zelfs met de benen als het moest. Ze gaf haar teamgenoten aanwijzingen en blaakte van zelfvertrouwen. Toen volgde een wedstrijd met daarin een aantal ongelukkige momenten: er gingen een paar ballen door de benen. Teamgenootjes scholden haar uit en hoewel dat probleem na een goed gesprek met de trainer en de rest van het team de wereld uit is, is ze helaas (nog) niet de oude geworden. Diep in mij hoop ik dat we dat keepertje van die eerste wedstrijden weer terug gaan zien.

Maar wat ik echt knap aan haar vind is dat ze de moed niet heeft opgegeven. Ze is niet gestopt met keepen, maar ging gewoon door en ze is zich aan het terugvechten. Dat vind ik erg knap voor een kleine meid van tien. En ik ben de trotse vader.

0 reacties: